login

“21ste-eeuwse vaardigheden zijn onontbeerlijk”

Volgens dr. Pieter Baay, onderzoeker bij het expertisecentrum beroepsonderwijs ECBO, vraagt de veranderende arbeidsmarkt en maatschappij om nieuwe vaardigheden van (toekomstige) werknemers. In de beroepspraktijk worden de zogenaamde 21st century skills steeds belangrijker. En dus zullen ook onderwijsinstellingen die vaardigheden nadrukkelijk in de opleidingen een plaats moeten geven.

 

“Wij hebben als ECBO in 2016 een boekje uitgegeven met als titel De toekomst begint vandaag”, zegt Baay. “Daarin schetsen we vier trends die zorgen voor een verandering in de samenleving en op de arbeidsmarkt: globalisering, technologisering, individualisering en medialisering.”

Andere vaardigheden

Door de toenemende globalisering is er volgens Baay een andere dynamiek ontstaan in het samenwerken en –leven. “Communicatie heeft een wereldwijde dimensie gekregen. Je kunt bijvoorbeeld nu via Skype eenvoudig communiceren met China. Werknemers uit andere landen komen bovendien makkelijker naar Nederland. Dat vraagt om meer communicatieve vaardigheden én sociale en culture vaardigheden.” Ook de technologisering vraagt om andere vaardigheden, stelt hij. “Robots nemen steeds meer het werk over, veel van het routinematige werk verdwijnt. Dus wordt van werknemers gevraagd dat ze iets toevoegen, dat ze beschikken over bijvoorbeeld creativiteit en probleemoplossend vermogen.” Daarnaast zien we bovendien een steeds verder voortschrijdende individualisering van de samenleving, constateert Baay. “De overheid trekt zich steeds verder terug, waardoor burgers in toenemende mate hun eigen verantwoordelijkheid moeten nemen. Dat betekent meer voor jezelf opkomen en in staat zijn om zelfstandig plannen uit te voeren.” De laatste trend is die van de medialisering. Baay: “We hebben steeds meer digitale apparaten om ons heen, zoals tablets en smartphones. Dus moet je over digitale vaardigheden beschikken om daarmee goed om te kunnen gaan. Maar het vraagt tevens om mediawijsheid, om relevante informatie op waarde te kunnen schatten en te kunnen filteren.”

De laatste trend is die van de medialisering

Meer baanwisselingen

Daarnaast wijzigt de betekenis van het werken, vervolgt Baay zijn verhaal. “Waar werknemers vroeger hun hele leven bij één baas werkten, stijgt het aantal baanwisselingen gedurende de levensloop richting de tien. Dat vergroot de noodzaak van een leven lang leren.” Tegelijk ontwikkelt zich een andere verhouding tussen privé en werk, zo constateert hij. “Mensen kunnen en willen hun tijd flexibeler inrichten, maar daarbij lopen privé en werktijd vaker door elkaar. Ook dit stelt andere eisen aan de werknemers van de toekomst.”

Al deze ontwikkelingen vragen volgens Baay om nieuwe vaardigheden van werknemers, de zogenaamde 21st century skills. “Dan gaat het om digitale vaardigheden. Maar tevens om denkvaardigheden als kritisch denken, probleemoplossend vermogen en creativiteit. Om interpersoonlijke vaardigheden als communicatie, samenwerking en sociale en culturele vaardigheden. En tot slot vraagt het om intrapersoonlijke vaardigheden zoals ondernemendheid en het vermogen om doelen te stellen en die te monitoren.”
Dit zijn natuurlijk geen nieuwe vaardigheden, aldus de onderzoeker. Maar door de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt en in de maatschappij zijn ze wel extra van belang. “Er worden andere eisen gesteld aan werknemers van de toekomst.”

Leren om te leren

Omdat de samenleving en de arbeidsmarkt verandert, moet ook het beroepsonderwijs meebewegen, onderstreept Baay. “Voor een deel zijn deze 21ste-eewse vaardigheden al opgenomen in de curricula van het beroepsonderwijs, via beroepsgerichte of via generieke vakken. Maar veelal gebeurt dit impliciet. Het zou goed zijn als onderwijsinstellingen het explicieter maken en evalueren of deze vaardigheden optimaal zijn ‘ingebakken’ in het lesprogramma. Nieuwe kwalificatiedossiers kunnen een aanleiding vormen om 21ste-eeuwse vaardigheden te integreren in het ontwerp van opleidingen.” Een hybride leeromgeving kan in de ogen van Baay mede bijdragen aan het stimuleren van deze vaardigheden. “Daarin worden school en beroepspraktijk op een aantrekkelijke manier bij elkaar gebracht. De TechniekFabriek van NedTrain is daar een mooi voorbeeld van.”

Wat vooral belangrijk is dat studenten ‘leren om te leren’, stelt Baay. “De school is tegenwoordig niet het eindpunt, maar het begin van een leven lang leren. Je bent niet klaar als je je school hebt afgemaakt. Een diploma wil zeggen dat je gekwalificeerd bent tot beginnend beroepsbeoefenaar. Onder mbo’ers heeft leren echter vaak een negatieve connotatie, daar zal echt een cultuurverandering moeten plaatsvinden.”

Maar niet alleen de nieuwe generaties werknemers, ook de zittende werknemers in de Metalektro zullen mee moeten in alle nieuwe ontwikkelingen, benadrukt Baay. “Allereerst zou ik willen zeggen: waardeer je oudere werknemers. Want hun ervaring is ontzettend waardevol voor je bedrijf. Tegelijkertijd zullen zij zich moeten aanpassen aan de nieuwe realiteit en zich bekwamen in de 21ste-eeuwse vaardigheden. Zorg daarom voor ontwikkeltrajecten die snel resultaat opleveren. Drie jaar naar school duurt veel te lang. Korte modulaire trajecten zijn veel aantrekkelijker. En zorg er vooral voor dat je werknemers op een speelse manier worden meegenomen bij nieuwe innovaties. Maak ontwikkelen leuk. Want dat maakt de drempel voor werknemers een stuk lager om te investeren in hun eigen toekomst.”

Meer informatie

Dr. Pieter Baay, onderzoeker ECBO, telefoonnummer 06-54 67 56 27 of per e-mail Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..


Deze website maakt gebruik van cookies. Door op onze website te blijven gaat u akkoord met het gebruik van cookies.